Tips & Tricks

Welkom bij onze Tips & Tricks vol praktische adviezen over de Mini Australian doodle.

Of je je nu aan het oriënteren bent op een eerste pup of al jaren geniet van een Doodle in huis:

ontdek hier onze beste inzichten over  voeding, gebit, vachtverzorging en dagelijkse opvoeding.

Wandel- en Uitlaatschema per Levensfase

Een algemene vuistregel voor puppy's is: 5 minuten wandelen per levensmaand, per wandeling, maximaal 3 tot 4 keer per dag.

Wandel- en Uitlaatschema per Levensfase

1. Puppy (8 tot 16 weken)

In deze fase staat zindelijkheid en socialisatie centraal, niet het opbouwen van conditie. Laat de pup veel snuffelen op rustige plekken; dit verwerkt prikkels en maakt geestelijk moe.

  • Aantal wandelingen: 4 tot 6 korte rondes per dag (exclusief snelle plaspauzes).
  • Duur per wandeling: 5 tot 10 minuten.
  • Activiteit: Rustig wandelen op een zachte ondergrond (gras, bos). Vermijd trappenlopen, springen en wilde spelletjes met grote honden.

2. Jonge Hond (4 tot 6 maanden)

Je doodle krijgt meer energie, maar het skelet groeit nog hard. Hou de beweging gecontroleerd.

  • Aantal wandelingen: 3 tot 4 wandelingen per day.
  • Duur per wandeling: 15 tot 20 minuten.
  • Activiteit: Begin met korte, gecontroleerde zoekspelletjes in het gras. Vermijd snelle, abrupte stops (zoals achter een bal aan rennen op een harde ondergrond).

3. Puberteit (6 tot 12 maanden)

De spieren worden sterker, maar de groeischijven sluiten pas rond de 12 tot 14 maanden.

  • Aantal wandelingen: 3 tot 4 wandelingen per dag.
  • Duur per wandeling: 25 tot 35 minuten (eventueel 1 langere wandeling van 40 minuten op zachte ondergrond).
  • Activiteit: Wissel tempo af, laat de hond veel snuffelen en werk aan gehoorzaamheid tijdens het lopen.

4. Volwassen (12+ maanden)

Het skelet is volgroeid. Je Australian doodle kan nu langere afstanden lopen en actiever sporten of rennen.

  • Aantal wandelingen: 3 tot 4 wandelingen per dag.
  • Duur per wandeling: 2 korte uitlaatrondes (10–15 min) + 1 tot 2 stevige wandelingen (45–60 min).
  • Activiteit: Hardlopen, mee naast de fiets (vanaf ~18 maanden), trekspelletjes, en onaangelijnd rennen in het bos of op het strand.

Overzichtstabel

Leeftijd

Frequente korte rondes

Duur hoofdwandeling

Focus & Aandachtspunten

8 - 16 weken

4 - 6x per dag

5 - 10 min

Zindelijkheid, socialisatie, geen trappen of sprongen

4 - 6 maanden

3 - 4x per dag

15 - 20 min

Snuffelen, mentale stimulatie, controle over prikkels

6 - 12 maanden

3 - 4x per dag

25 - 35 min

Gehoorzaamheid, gecontroleerde beweging, zachte ondergrond

12+ maanden

3 - 4x per dag

45 - 60+ min

Actief rennen, hersenwerk, conditie opbouwen

 

Belangrijke Richtlijnen & Veiligheid

  • Mentale stimulatie: Een Australian doodle is intelligent. 15 minuten denkspelletjes of geurwerk (zoekspelletjes) maakt een pup net zo moe als een lange wandeling, zonder de gewrichten te belasten.
  • Trappen en gladde vloeren: Laat je pup tot minimaal 9-12 maanden geen trappen lopen en voorkom uitglijden op gladde laminaat- of tegelvloeren.
  • Signaleren van vermoeidheid: Gaat je pup onderweg zitten, liggen of juist extreem 'drenzig'/bijterig doen? Dan is hij overprikkeld of moe. Til de pup op of neem pauze.
  • Maten van de Doodle: Een Miniature of Medium doodle is sneller volgroeid (rond 12 maanden) dan een Standard Australian doodle (14 tot 18 maanden). Pas bij een Standard de opbouw iets voorzichtiger aan.

 

Ontwormingsschema: Van pup tot volwassen

Ontwormingsschema: Van pup tot volwassen

Leeftijd, frequentie en bijzonderheden 

2 weken 1e ontworming: Bij de fokker (pasta of drankje).

4 weken 2e ontworming: Bij de fokker.

6 weken 3e ontworming: Bij de fokker

(vaak gecombineerd met de 1e vaccinatie).

8 weken 4e ontworming: Rond het moment dat de pup mee naar huis gaat.

3, 4, 5 en 6 maanden

Maandelijks: elke maand een passende dosering op basis van het actuele gewicht.

Vanaf 6 maanden (volwassen)

4 keer per jaar of ontlastingsonderzoek 

Standaard is 4x per jaar (elke 3 maanden), tenzij het risicoprofiel anders vereist.

Aandachtspunten voor Australian doodle

  • Gewicht nauwkeurig wegen: Doodles groeien in het eerste halfjaar erg snel. Weeg je pup voor elke ontwormingskuur om exact de juiste dosering te geven.

  • MDR1-genmutatie: Australian doodles hebben een klein risico op het MDR1-gen (overgevoeligheid voor bepaalde geneesmiddelen). Reguliere vrij verkrijgbare ontwormingsmiddelen (zoals op basis van Milbemycine oxime of Febantel/Pyrantel) zijn bij normale dosering veilig, maar overleg bij twijfel altijd met de dierenarts.

  • Alternatief op maat (Ontlasting onderzoek): In plaats van een volwassen hond standaard 4 keer per jaar ontwormen, kun je elke 3 maanden een ontlastings onderzoek laten doen bij de dierenarts. Je geeft dan alleen medicatie als er daadwerkelijk wormen of eitjes aanwezig zijn.

Preventie schema Vlooien en Teken

Preventatieschema Vlooien en Teken

Leeftijd / FrequentieActie & FocusToelichting4 wekenEerste controle & preventie

Gebruik uitsluitend producten die expliciet veilig zijn voor jonge pups/kittens (bijv. een geschikte spray of speciale pasta).

Let op:

Niet alle standaard middelen zijn toegestaan op deze leeftijd.

6 wekenTussentijdse behandelingHerhaling van de preventieve behandeling volgens het voorschrift van de dierenarts en het gewicht van het dier.

8 wekenStandaard startbeschermingVanaf 8 weken (en een minimaal gewicht) zijn de meeste reguliere spot-on druppels of kauwtabletten veilig te gebruiken. Valt vaak samen met de eerste grote vaccinatieronde.

10 wekenVervolgbehandelingHerhaling van de bescherming om de cyclus van parasieten te blijven doorbreken tijdens de actieve groeifase.

Vanaf 6 maandenMaandelijkse beschermingOvergang naar een vast maandelijks ritme. Het dier komt nu meer buiten en het immuunsysteem vormt zich verder.

Vanaf 1 jaar 3 keer per jaar Onderhoudsdosering voor volwassen dieren (om de 4 maanden), afhankelijk van het gekozen product (bijv. langwerkende tabletten of halsbanden).

Belangrijke aandachtspunten voor een veilige behandeling

  • Gewicht is leidend: Pups groeien snel. Weeg het dier vóór elke behandeling om de juiste dosering te bepalen.

  • Omgevingsbehandeling: Vlooien zitten voor 95% in de omgeving (kleed, mand, spleten) en slechts 5% op het dier zelf. Was ligkussens regelmatig op 60°C bij een actieve besmetting.

  • Productkeuze: Welk middel (tablet, spot-on druppel of halsband) het beste werkt, hangt af van de leefomgeving en of het dier veel zwemt. Overleg bij twijfel altijd met de dierenarts.

Doorkomen melkgebit

Een Australian doodle doorloopt het wisselen van tanden tussen een leeftijd van 3 en 7 maanden. In totaal maakt het melkgebit (28 tanden) plaats voor een volwassen gebit (42 tanden).

Doorkomen melkgebit

2 - 8 weken

De puppy krijgt 28 scherpe melktanden en -kiezen. Tegen de tijd dat de pup rond 8 weken naar het nieuwe nest gaat, is het melkgebit compleet.

Start van het wisselen (Snijtanden)

3 - 4 maanden

De piepkleine voortanden (snijtanden) vallen als eerste uit en maken plaats voor het volwassen gebit. Je merkt vaak dat de pup meer wil kauwen.

Wisselen van hoektanden & valse kiezen

4 - 6 maanden

De scherpe hoektanden en premolaren wisselen. Dit is vaak de meest gevoelige fase waarin het tandvlees kan opzwellen of licht bloeden.

Echte kiezen komen door

6 - 7 maanden

Achter in de bek komen de grote molaren (kiezen) door. Tegen 7 maanden is het volwassen gebit met 42 tanden compleet.

Praktische tips bij het wisselen

  • Koelend speelgoed: Leg een natte, gedraaide washand of speciaal rubberen kieuwspeelgoed in de vriezer. De kou verzacht pijnlijk tandvlees.
  • Geef geschikte kauwsnacks: Bied Schapen hoefjes, of een hertengewei aan om de drang tot slopen te verleggen naar iets dat mag.
  • Dubbele hoektanden controleren: Soms valt de melkhoektand niet uit terwijl de volwassen tand al doorkomt (een 'dubbele tand'). Raadpleeg de dierenarts als deze na een paar weken niet vanzelf losraakt.
  • Slechte adem & bloed: Een lichte ijzergeur uit de bek en af en toe een drupje bloed op een speeltje zijn heel normaal tijdens deze periode.

 

De Vachtwissel (Vacht Verliezen)

1. De Vachtwissel (Vacht Verliezen)

Wanneer vindt het plaats?

De vachtwissel begint meestal tussen de 7 en 12 maanden (soms al vanaf 6 maanden) en kan enkele maanden duren.

Wat gebeurt er precies?

De zachte, pluizige puppyvacht maakt plaats voor de stevigere, dikkere en vaak krullendere volwassen vacht.

  • De loslatende puppyharen vallen niet op de grond, maar blijven gevangen in de opkomende volwassen vacht.
  • Dit veroorzaakt een enome piek in het ontstaan van klitten, vooral op wrijvingsplekken zoals de oksels, liezen, nek (onder de halsband) en achter de oren.

Aanpak tijdens de vachtwissel

  1. Dagelijks tot om de dag borstelen: Gebruik een goede slickerborstel (zoals een Activet) en werk laagje voor laagje vanaf de huid.
  2. Nacontroleren met een stalen kam: Borstelen alleen is niet genoeg. Ga er met een metalen kam achteraan; blijft deze steken, dan zit er nog een klit.
  3. Blazen met een waterblazer: Dit blast vuil en losse haren tot op de huid uit de vacht en helpt beginnende klitten uit elkaar te blazen.

2. Het Trimmen van de Australian Doodle

Het trimmen is nodig om de vacht op een gezonde lengte te houden en vervilting te voorkomen.

Fase

Leeftijd

Type behandeling

Doel

Puppywennen

12 – 16 weken

Puppy-gewenbeurt (wassen, drogen, knippen van oogjes/voetjes/poepgat)

Wennen aan de geluiden, de tafel en de trimmer zonder stress.

Eerste echte trimbeurt

6 – 8 maanden

Lichte trimbeurt (voor/tijdens de vachtwissel)

Voorkomen dat de vacht voorafgaand aan de wissel al volledig in de klit raakt.

Onderhoudstrim

Elke 8 – 12 weken

Volledige knip- of scheerbeurt

In model houden van de vacht en op lengte houden.

Belangrijke richtlijnen voor het trimmen:

  • Liever schaar dan tondeuse: Australian Labradoodles worden idealiter met de hand en schaar geknipt in het bekende "teddybeer-model". Scheren maakt de vacht vaak stugger en minder mooi.
  • Kop en oren: Het gezichtje wordt rond geknipt (ogen goed vrijmaken). De oren worden vaak op de lengte van de kaaklijn meegeknipt.
  • Hygiëne: De voetzooltjes en het gebied rond het poepgat en de buik worden kort gehouden om vuil- en poepophoping te voorkomen.
  • Wassen voor het trimmen: De vacht moet altijd vooraf gewassen en drooggeblazen worden. Knippen in een vieze vacht maakt scharen bot en geeft een ongelijk resultaat.

Wacht niet te lang! Als je wacht met trimmen tot de vachtwissel voorbij is (bijv. tot 12-14 maanden), is de kans groot dat de vacht zo erg vervilt is dat de trimmer geen andere keuze heeft dan de hond volledig kaal te scheren.

 

Verzorging

Verzorgingsschema Doodle

Omschrijving & Aandachtspunten

Dagelijks

Tanden poetsen

Gebruik speciale hondentandpasta (geen humane tandpasta). Poets de buitenkant van het gebit om tandplak en tandsteen te voorkomen.

Dagelijks tot om de dag

Borstelen

Borstel grondig tot aan de huid (vooral bij de oksels, lippen, oren en de liessstreek om klitten te voorkomen). Gebruik een slickerborstel en een stalen kam.

Om de 2 - 4 weken

Nagels knippen

Controleer de lengte van de nagels. Als je de nagels hoort tikken op een harde vloer, zijn ze te lang. Denk ook aan de voetzooltjes (vacht tussen de kussentjes kort houden).

Om de 6 - 8 weken

Trimmen / Naar de trimsalon

Volledige trimbeurt (wassen, droogblazen/blazen met waterblazer, ontklitten, knippen/scheren en oren verzorgen).

 

1. Tanden poetsen

  1. Opbouw: Laat de hond eerst wennen aan de smaak van hondentandpasta op je vinger.
  2. Techniek: Til de lip op en poets met een zachte hondenborstel of vingerborstel in een draaiende beweging over de tanden en kiezen.
  3. Focus: De buitenkant van de bovenste kiezen verzamelt de meeste tandplak.

2. Nagels knippen

  1. Gereedschap: Gebruik een scherpe honden-nageltang of een nagelvijl/dremel.
  2. Techniek: Knip kleine beetjes tegelijk af.
  3. Leven (bloedvat): Let op het 'leven' in de nagel. Bij witte nagels zie je het roze gedeelte goed zitten; knip hier ruim voor. Bij zwarte nagels knip je dunne schijfjes tot je een klein donker puntje in het midden van de doorsnede ziet verschijnen.

3. Trimmen & Vachtverzorging

  • Waterblazer: Gebruik na een wandeling in de regen of modder een waterblazer. Dit blaast zand en vocht uit de ondervacht en voorkomt vilt.
  • Oren: Doodles hebben vaak veel haar in de gehoorgang. Controleer de oren wekelijks op vuil, overtollig haar en vieze geurtjes om oorontstekingen te voorkomen.
  • Klitten: Kam altijd na het borstelen met een stalen kam ter controle. Blijft de kam steken, dan zit er nog een klit.